Ik herinner me nog goed hoe ik voor het eerst een Belgische goksite onderzocht en stuitte op de term “A+ licentie”. Ik dacht eerlijk gezegd dat het een soort kwaliteitslabel was, zoals een Michelin-ster voor restaurants. De werkelijkheid is minder romantisch maar veel belangrijker: die letters en cijfers bepalen of een platform überhaupt legaal mag opereren in België – en wat het precies mag aanbieden.
De Kansspelcommissie, kortweg KSC, is de Belgische toezichthouder die elke aanbieder van kansspelen onder de loep neemt. Zonder hun stempel bestaat een goksite juridisch niet in dit land. En toch merk ik dat de meeste spelers nooit verder kijken dan het logo op de homepage. Ze scannen de QR-code, storten met Payconiq, en beginnen te spelen. Maar die licentie vertelt je precies wat je van een platform kunt verwachten: welke spellen er staan, welke regels gelden en hoeveel bescherming je als speler hebt.
In dit artikel neem ik je mee door de vier licentietypes die de KSC hanteert. Ik leg uit hoe je zelf kunt controleren of een site een geldige vergunning heeft, en welke sancties er volgen als operatoren de regels overtreden. Heb je na het lezen behoefte aan een volledig overzicht van legale casino’s en bookmakers met Payconiq, dan vind je dat in ons uitgebreide operatorenoverzicht.
Wed legaal op de homepage.
De vier licentietypes van de Kansspelcommissie
Toen ik voor het eerst de volledige lijst met Belgische vergunningen doorspit, viel me op hoe logisch het systeem eigenlijk in elkaar zit – als je eenmaal de code kraakt. De KSC werkt met een lettercijfercombinatie die precies aangeeft wat een operator mag doen. Vier types doen er voor online gokkers toe, en elk type heeft zijn eigen speelruimte.
De A+ licentie is de vergunning voor online casino’s. De “A” verwijst naar de basislicentie voor casinospellen, en het plusteken betekent dat de houder die spellen ook online mag aanbieden. Een A+ licentie is altijd gekoppeld aan een fysiek casino in België – een online casino kan niet zomaar uit het niets ontstaan. Het moet verbonden zijn aan een bestaande landbased vergunning. Dit verklaart waarom je in België niet honderden online casino’s hebt zoals in sommige andere Europese landen. Het aanbod is beperkt tot de operatoren die ook een fysiek casino runnen of daaraan gelieerd zijn.
De B+ licentie werkt volgens hetzelfde principe maar dan voor speelhallen. Waar de A+ zich richt op het volledige casinoaanbod – tafelspellen, slots, live dealer – richt de B+ zich op speelautomaten en vergelijkbare producten die je normaal in een speelhal vindt. Online vertaalt zich dat naar een beperkter aanbod dan bij een A+ casino. Het verschil is merkbaar: een B+ platform biedt doorgaans slots en eenvoudigere spellen, terwijl een A+ de volle breedte aan tafelspellen toevoegt.
Dan heb je de F1+ licentie, en die is specifiek voor sportweddenschappen. De “F” staat voor weddenschappen, de “1” geeft aan dat het om het hoogste niveau gaat, en ook hier maakt het plusteken de online-exploitatie mogelijk. Als je via Payconiq geld stort bij een bookmaker voor een voetbalwedstrijd, dan opereert die bookmaker onder een F1+ vergunning. Sommige operatoren combineren een A+ met een F1+, waardoor je op hetzelfde platform zowel casinospellen als sportweddenschappen kunt vinden. Dat is geen vanzelfsprekendheid – het zijn twee afzonderlijke vergunningen die elk apart worden beoordeeld en goedgekeurd.
De F2 licentie, tot slot, dekt weddenschappen op paardenrennen. Dit is een nichevergunning die je online minder tegenkomt, maar ze bestaat en wordt actief gehandhaafd. Voor de meeste online gokkers draait het om de eerste drie: A+, B+ en F1+.
Wat ik in de praktijk zie, is dat spelers zelden bewust kiezen op basis van licentietype. Ze kiezen een platform dat er goed uitziet, dat Payconiq accepteert, en beginnen te spelen. Maar het licentietype bepaalt direct welke spellen beschikbaar zijn, welke limieten gelden en onder welk toezichtregime je valt. Een B+ platform moet aan dezelfde strenge eisen voldoen als een A+ platform wat betreft spelersprotectie, maar het spelaanbod is fundamenteel anders.
Hoe controleer je of een site een geldige licentie heeft?
Vorig jaar stuurde een vriend me een link naar een goksite die hij had gevonden via een advertentie op sociale media. “Ziet er legaal uit”, zei hij. Het duurde me precies twee minuten om vast te stellen dat de site geen Belgische licentie had. Die twee minuten kunnen je honderden euro’s besparen – of erger.
De snelste methode is de website van de Kansspelcommissie zelf. Ze publiceren een actuele lijst van alle vergunninghouders, doorzoekbaar op naam en licentienummer. Elke legale Belgische goksite is verplicht om het licentienummer zichtbaar te vermelden, doorgaans in de footer van de pagina. Dat nummer kun je een-op-een matchen met de KSC-lijst. Staat het er niet op, of klopt het nummer niet? Dan is de site niet legaal in België.
Een tweede controle is het logo van de Kansspelcommissie. Legale sites tonen het KSC-logo als bewijs van hun vergunning. Let wel: een logo is makkelijk te kopieren. Daarom is de nummercontrole op de KSC-site altijd de definitieve test. Ik heb meegemaakt dat nepsites het logo van de KSC gewoon overnamen alsof het een decoratief element was.
Wat veel spelers niet weten: de KSC houdt ook een zwarte lijst bij van geblokkeerde websites. Dit zijn platforms die actief proberen Belgische spelers te bereiken zonder vergunning. Internet service providers in België zijn verplicht de toegang tot deze sites te blokkeren, maar met een VPN zijn ze nog steeds bereikbaar – wat overigens niet betekent dat het legaal is om er te spelen. Met meer dan 2.000 niet-gelicentieerde platforms die actief blijven in België en slechts 564 effectief geblokkeerd, is waakzaamheid geboden.
Mijn persoonlijke vuistregel: als een goksite geen duidelijk Belgisch licentienummer toont, geen Nederlandse interface aanbiedt, en betaalmethoden promoot die in België ongebruikelijk zijn, dan is het vrijwel zeker geen legale Belgische operator. Legale sites bieden altijd Bancontact en Payconiq aan, eisen verificatie via itsme of een gelijkwaardig systeem, en hanteren de wettelijke spelerslimieten.
Handhaving: boetes en sancties in 2024
Er is een hardnekkig misverstand dat de Kansspelcommissie een tandeloze tijger is. De cijfers vertellen een genuanceerder verhaal. In 2024 legde de KSC 66 boetes op voor een totaalbedrag van 4.605.700 euro. Dat is geen symbolisch bedrag – het laat zien dat de toezichthouder actief optreedt tegen overtredingen. Maar er zit een addertje onder het gras: van dat bedrag werd slechts 27.525 euro daadwerkelijk geïnd. Het verschil tussen opgelegde en geinde boetes is enorm, en het illustreert een structureel probleem.
De reden is grotendeels praktisch. Veel boetes worden opgelegd aan buitenlandse operatoren die geen juridische entiteit in België hebben. Je kunt een boete opleggen aan een Curacao-gebaseerd casino, maar het innen daarvan is een heel ander verhaal. De KSC kan websites laten blokkeren, maar financiële sancties afdwingen over landsgrenzen heen is een langdurig en kostbaar proces.
Magali Clavie, voorzitter van de Kansspelcommissie, erkende in het jaarverslag 2024 dat een personeelstekort het onmogelijk maakte om de financiële gegevens van alle vergunninghouders te publiceren – gegevens die volgens haar essentieel zijn om de toestand van de kansspelsector in kaart te brengen. Dit is veelzeggend: de toezichthouder zelf geeft aan dat de capaciteit onder druk staat.
Voor jou als speler betekent dit twee dingen. Ten eerste: de handhaving is reëel en boetes worden daadwerkelijk opgelegd. Operatoren met een Belgische licentie weten dat overtredingen gevolgen hebben. Ten tweede: de bescherming geldt alleen binnen het legale circuit. Speel je bij een operator zonder Belgische licentie, dan val je buiten elk beschermingsmechanisme dat de KSC biedt. Geen klachtenloket, geen boetebevoegdheid, geen spelersprotectie.
Vermijd de vele illegale goksites in België op de markt.
De les die ik na jarenlang de sector volgen heb geleerd: het licentiesysteem is niet perfect, maar het is het beste dat Belgische spelers hebben. De combinatie van verplichte licenties, actief toezicht en wettelijke spelerslimieten maakt het Belgische systeem tot een van de strengste in Europa. Dat die strengheid ook nadelen heeft – een beperkter aanbod, minder concurrentie – is een afweging die de wetgever bewust heeft gemaakt.
